Spelregels

blackjack

Blackjack spelregels

Home
Spelregels
Strategie
Inzetten
Berekening
Online spelen

Blackjack Spelregels

Doel van het spel

Het doel van Blackjack is om een hand te hebben die meer punten
waard is dan die van de deler, en daarbij niet boven de 21 uit te komen.
Kom je boven de 21 uit, dan ben je kapot en verlies je, ook als
de deler kapot gaat. Gaat de deler kapot, maar jij niet, dan win jij.
Bij een gelijke score (onder de 21) gebeurt er niets. Het gaat er dus in
principe niet om om zo dicht mogelijk bij de 21 te komen, maar je past
je strategie aan aan de kansen van de deler.
De overige spelers aan dezelfde tafel hebben verder geen enkele invloed op het spel van de deler, dus ook niet op jouw spel.

De waarde van de kaarten

Bij Blackjack worden alle kaarten gebruikt, behalve de jokers. De
kaarten 2 tot en met 10 hebben de overeenkomstige waarde. Boer, vrouw en
heer zijn elk 10 punten waard. Dus een 8 en een 5 bijvoorbeeld zijn
samen goed voor 13 punten, een boer en een 7 zijn 17 punten.
De aas ten slotte is 1 óf 11, al naar gelang het beste uitkomt. Zo leveren een aas en een 3 samen 14 op. Dit heet ook wel een softe
hand: de aas kan als 11 meetellen zonder dat het totaal meer dan 21 is.
Je kunt dan ook nog een kaart nemen zonder het risico dat je kapot
gaat. Krijg je bijvoorbeeld nog een 9 erbij, dan krijgt de aas 1 als
waarde, en wordt het nieuwe totaal 13. Nu heb je een harde hand, omdat je geen aas (meer) hebt die 11 kan zijn.
Merk op, dat de kleur van de kaart er verder niet toe doet!

Het verloop van het spel

Allereerst plaatsen alle spelers hun inzet. Vervolgens geeft de deler
alle spelers twee kaarten. Merk op, dat je met twee kaarten niet kapot
kunt zijn. Daarna geeft hij zichzelf een kaart, die voor iedereen
zichtbaar is. Nadat alle spelers hun hand hebben uitgespeeld, door kapot
te gaan of te passen, speelt de deler. Hij doet dat volgens een
vast patroon: hij past namelijk altijd als hij 17 of meer punten heeft.
Heeft hij bijvoorbeeld een aas en een 5, dan is zijn totaal 16, en dus
neemt hij nog een kaart. Is dit een 7, dan komt hij uit op 13, en neemt
hij nog een kaart. Is dit een 4, dan heeft hij 17 en past hij.

Blackjack

Een speler (of de deler) heeft een blackjack als hij met zijn eerste
twee kaarten 21 heeft, dus, een aas met een tien of een plaatje. Het
aardige van een blackjack is bovendien dat hij meer waard is dan een
‘gewone’ 21, bestaande uit bijvoorbeeld twee achten en een vijf.
Als je een blackjack krijgt, dan win je anderhalf maal je inzet, tenzij
de deler ook een blackjack heeft. Andersom geldt dit echter gelukkig
niet: de deler wint dan ‘slechts’ je inzet.

Dubbelen

Als speler kun je nog meer dingen doen behalve een kaart nemen of
passen. Een van die dingen is dubbelen. Dit mag je doen nadat je je
eerste twee kaarten hebt ontvangen, en alleen dan. Je verdubbelt dan je
inzet en je krijgt nog één kaart, drie in totaal. Een goed voorbeeld om
dit te doen is bijvoorbeeld met een 8 en een 3 tegen een 6 voor de
deler: je hebt dan een behoorlijke kans op 21, terwijl de deler een
redelijke kans heeft om kapot te gaan.

Splitsen

Hebben je eerste twee kaarten een gelijke waarde, bijvoorbeeld twee
drieën of een vrouw en een 10, dan mag je splitsen: je legt dan een
tweede even grote inzet bij en je krijgt bij elke kaart een tweede. Nu
speel je als het ware met twee afzonderlijke handen. Heb je bijvoorbeeld
twee achten, dan is het vaak een goed idee om die te splitsen, daar 16
een vervelend aantal is.
Twee azen splitsen is natuurlijk helemaal leuk. Je voordeel wordt echter
beperkt doordat je dan nog maar één kaart erbij krijgt. Verder is het
zo, dat als je bij een van je azen een 10 of een plaatje krijgt, dit
niet geldt als een blackjack. Desondanks is splitsen meestal het beste
dat je kunt doen met twee azen.

Verzekeren

Verzekeren is een van de vreemdste regels die Blackjack kent. Het is in
feite een soort weddenschap buiten het spel om. Heeft de deler een aas,
dan is de kans op een blackjack redelijk groot. Alle spelers wordt dan
aangeboden om zich daartegen te verzekeren: doe je dat, en heeft de
deler een blackjack, dan verlies je je inzet, zoals gewoonlijk, maar win
je de weddenschap en krijg je je inzet terug. Heeft de deler geen
blackjack, dan verlies je de helft van je inzet. In beide gevallen speel je wel nog gewoon door met je kaarten!
De vraag is nu of dit wel verstandig is. Als je niet verzekert, dan win
je niks en verlies je niks. Doe je dat wel, dan heb je een kans van 4 op
13 dat de deler een blackjack heeft en je je inzet wint, en een kans
van 9 op 13 dat je de helft verliest. Dit geeft een verwachting van 4/13
* 1 – 9/13 * ½ = -1/26 < 0. Het advies luidt dus: nooit verzekeren.
Een speciaal geval is als je zelf een blackjack hebt. Verzeker je niet,
dan win je anderhalf maal je inzet als de deler geen blackjack heeft, en
anders niks. Kies je ervoor wel te verzekeren, en heeft de deler een
blackjack, dan levert je eigen blackjack niks op, maar je verzekering
wel, en dus win je je inzet. Heeft de deler geen blackjack, dan win je
anderhalf maal je inzet, maar verlies je een half vanwege de
verzekering. Je wint dus sowieso altijd je inzet. Klinkt aantrekkelijk.
Maar je geeft er wel wat voor op: de kans om meer te winnen. Je hebt een
kans van 9 op 13 op anderhalf maal je inzet, en een kans van 4 op 13
dat je niks krijgt. Dus: 9/13 * 3/2 + 4/13 * 0 = 27/26 > 1. Ook hier
geldt dus dat niet verzekeren gemiddeld meer oplevert.

Speelvarianten

Helaas houdt niet elk casino dezelfde regels aan. Er zijn meerdere variaties mogelijk. Hieronder een lijstje.

Blackjack check

In Europa is het gebruikelijk dat de deler zichzelf één kaart geeft, en
nadat alle spelers klaar zijn geeft hij zichzelf een tweede kaart. In
Amerika echter gaat het er meestal anders aan toe: dan geeft de deler
zichzelf twee kaarten: de ene ligt open, zoals gewoonlijk, en de ander
ligt gedekt. Het verschil zit ‘m erin, dat als de deler een aas, 10, of
een plaatje open heeft liggen, hij gelijk checkt of hij een blackjack
heeft, nog voordat hij de spelers laat spelen.
Heeft hij een blackjack, dan pakt hij van iedereen die geen blackjack
heeft de inzet af; ze kunnen immers niet winnen. Het voordeel is dat de
spelers ook niet méér kunnen verliezen: ze krijgen namelijk niet eens de
kans om te dubbelen of te splitsen.
Heeft de deler geen blackjack, dan gaat het spel gewoon door. Maar de
spelers weten dan dat de deler geen blackjack heeft, en kunnen dus hun
strategie daarop aanpassen. In beide gevallen is deze regel dus in het
voordeel van de spelers!

Soft 17

Reeds eerder zei ik dat de deler past als hij 17 of meer heeft. Er zijn
echter casino’s waar de deler op een soft 17 wél een kaart neemt. Dus
als hij bijvoorbeeld een aas en een 6 heeft, dan neemt hij nog een
kaart. Krijgt hij een heer, dan heeft hij wederom 17, maar nu past hij
wel. Deze regel is meestal in het voordeel van het casino.

Dubbelen

In de meeste casino’s mag je dubbelen met elke combinatie van twee
kaarten (behalve met een blackjack, maar dan wil je ook niet dubbelen).
Soms mag dat echter alleen met 9, 10 of 11. Daaronder vallen ook de
combinaties aas plus 8 en aas plus 9. Voor een harde hand is dat niet
zo’n probleem, daar dubbelen met 8 vrijwel nooit aan te raden is. Helaas
is er een behoorlijk aantal situaties waarbij het leuk is om met een
softe hand te dubbelen: je kunt immers niet kapot gaan met een softe
hand. Deze komen dan door de restrictie te vervallen.

Dubbelen na splitsen

Als je splitst speel je als het ware met twee nieuwe handen. Meestal mag
je dan ook dubbelen met je eerste twee kaarten van zo’n nieuwe hand.
Maar sommige casino’s staan dubbelen alleen toe met je eerste twee
kaarten.

Splitsen

Het volgende punt laat zich raden: wat als je na gesplitst te hebben
wéér een paar krijgt? In de meeste gevallen mag je maximaal 3 keer
splitsen, hetgeen overeenkomt met 4 handen. Soms mag je slechts 1 keer
splitsen, en soms mag je zelfs willekeurig vaak splitsen. In ieder
geval, als bij een bepaalde situatie het advies is om te splitsen,
splits dan ook zo vaak als mogelijk is.

Azen splitsen

Al eerder heb ik vermeld dat azen splitsen zo goed is, dat je slechts
één kaart per aas ontvangt. De meeste casino’s leggen zelfs een extra
restrictie op, door slechts 1 maal splitsen toe te staan voor azen,
terwijl dit voor andere paren niet geldt. Discriminatie!

Opgeven

Er is nog een eigenaardige regel, die niet elk casino hanteert. Als alle
kaarten zijn uitgedeeld, dan mag je soms, voordat je iets anders doet,
opgeven. Je verliest dan onmiddellijk, maar slechts de helft van je
inzet. Dit is bijvoorbeeld aan te raden als je een 10 en een 6 hebt
tegenover een aas voor de deler. Je kansen zijn dan zo slecht, dat
opgeven een beste keus is. Voor spelers die deze regel op de juiste
momenten gebruiken, kan dit behoorlijk in het voordeel werken. Echter,
spelers die dit niet weten geven al gauw veel te vaak op, hetgeen weer
in het voordeel van het casino is!
Wordt er volgens het Amerikaanse systeem gespeeld, met een gedekte
kaart, dan mag je meestal pas opgeven nadat de deler gecontroleerd heeft
of hij een blackjack heeft. Je voordeel is dan niet zo groot als bij
het Europese systeem, waarbij je al voor een mogelijke blackjack kunt
opgeven.